Deze website maakt gebruik van cookies.
Om het gebruiksgemak van onze website te verbeteren maakt de website van de Ekklesia Amsterdam gebruik van Google Analytics. Google verzamelt gegevens, ook buiten de website van de Ekklesia Amsterdam. Door gebruik te blijven maken van deze website geeft u hier toestemming voor.
Ik heb het
gelezen
vr 24.02.2017 » 14:00 » Grote Zaal

Geen plek om het hoofd neer te leggen

Op bladzijde 32 van zijn boek De levens van Jan Six schrijft Geert Mak: ‘De Noordelijke Nederlanden werden, (…), overspoeld met vluchtelingen en immigranten. Het ging daarbij om minstens honderdduizend mensen, wellicht zelfs honderdvijftigduizend, en dat op een toenmalige Noord-Nederlandse bevolking van weinig meer dan een miljoen. Het inwonertal van Leiden en Haarlem verdubbelde binnen enkele decennia, Amsterdam telde in 1620 driemaal zoveel zielen als in 1550. (…). In het Noorden zou deze immigratie leiden tot een spectaculaire Gouden Eeuw.’

Dus ruim tien procent van de bevolking was aan het begin van de zeventiende eeuw immigrant. Daarvan was vast en zeker ook een klein percentage niet met goede bedoelingen gekomen, maar de overgrote meerderheid bracht vooral voorspoed. De Gouden Eeuw is onderdeel van ons collectief geheugen en welvarend zijn we nog altijd. Toch zien we de huidige immigratie, die maar tweehonderdste (0.02) procent bedraagt, vooral als een bedreiging van onze welvaart. We zijn geneigd de geradicaliseerde enkeling als representant van alle vluchtelingen te zien. Veiligheid staat daardoor inmiddels hoger op de Europese agenda dan vrijheid, gelijkheid en broederschap. Zeggen ‘Wir schaffen das’ getuigt niet langer van moed, maar van verraad.

In dit programma gaan we op deze tendensen in, proberen we hiervoor maatschappelijke, politieke en economische oorzaken aan te wijzen en reflecteren we, vanuit de theologie van Ter Schegget, op de vraag hoe humaniteit, die in zijn theologie centraal staat, ook in het maatschappelijk debat die plaats weer kan terugverdienen. De discussie wordt ingeleid door Aad van Tilburg, Femke Kaulingfreks en Martijn Stronks. Er zijn muzikale intermezzi van violiste Lena ter Schegget en dagvoorzitter is Wilken Veen.

artikel ter voorbereiding >>
Aad van Tilburg was van 1976 tot zijn emeritaat in 2010 associate professor marketing aan de Universiteit van Wageningen. Hij specialiseerde zich in de ethiek van het zaken doen met name in de handel met ontwikkelingslanden. Hij was tien jaar lid van de Interkerkelijke Commissie voor Ontwikkelingssamenwerking en is lid van het Bonhoeffer-werkgezelschap.

Femke Kaulingfreks is politiek filosoof en antropoloog. Zij schreef een dissertatie over de achtergrond en betekenis van de oproeren van jonge adolescenten met een migratieachtergrond in Franse voorsteden en Nederlandse achterstandswijken. In 2015 deed zij onderzoek in Amerika. Zij is nu werkzaam als postdoc aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.
 
Martijn Stronks studeerde filosofie en rechten. Na zijn studie werd hij hoofdredacteur van het migratierechtelijke vaktijdschrift Migrantenrecht en zijn opvolger Asiel&Migrantenrecht. Hij zal op 3 maart aanstaande promoveren op een studie over het immigratiebeleid.
 
Lena ter Schegget (artiestennaam Lena Lefringhausen) studeert viool aan het Conservatorium te Utrecht en studeerde eerder aan de conservatoria van Wenen en Freiburg. Zij is de jongste kleindochter van Bert ter Schegget.

Wilken Veen is predikant van het Leerhuis Amsterdam Tenach en Evangelie.
Programma over de onmacht om aan het Europees vluchtelingenbeleid een humaan gezicht te geven, georganiseerd door de G.H. ter Schegget Stichting in samenwerking met Nieuwe Liefde Leerhuis.
Aanvang 14.00 uur - einde 17.00 uur.

deNes Strangelove